7 Houd je ver van valse beschuldigingen* en breng de onschuldige en de rechtvaardige niet ter dood, want wie zoiets slechts doet, zal ik niet rechtvaardig verklaren.*+
13 Toen gingen er twee slechte mannen tegenover hem zitten. Ze begonnen waar het volk bij was tegen Na̱both te getuigen: ‘Na̱both heeft God en de koning vervloekt!’+ Ze brachten hem daarna naar de buitenwijken van de stad en stenigden hem.+